Nieuws

Stichting Fakkelestafette Weert e.o. en stichting Muziekshow Weert staken activiteiten

Stichting Fakkelestafette Weert e.o. en stichting Muziekshow Weert staken activiteiten In september 2017 heeft de Stichting Fakkelestafette Weert e.o. voor de 65e keer .....

Uitslag Samen Sterker

Campagne “Rabobank Samen Sterker”: stemmers bedankt!! Goed nieuws voor Fakkelestafette Weert en omstreken!Van 3 tot en met 17 oktober vond de stemperiode plaats van de .....

Werkstukken scholenproject 2017

De Weerter basisschoolleerlingen hebben in groep 7 (schooljaar 2016-2017) een werkstuk mogen maken rondom het thema 'vrede en vrijheid'. Een .....

Weert wacht op de Bevrijding. “De Engelsen komen”.

Op 6 juni 1944 wordt de “operatie overlord” een feit. De geallieerde legers onder bevel van de Amerikaanse generaal Eisenhower landen op de Normandische kust en zetten, na zware gevechten, hun opmars door Frankrijk voort. Op 25 augustus valt Parijs in geallieerde handen. Verder rukken de geallieerden op. Op 3 september meldt radio Oranje de val van Brussel en op 4 september veroveren de geallieerde legers de belangrijke havenstad Antwerpen.

Ook in Weert zijn de op handen zijnde oorlogshandelingen duidelijk merkbaar. De hele maand september trekken vluchtende Duitse soldaten door de stad richting Duitsland. De geallieerde legers rukken op richting Nederlandse grens. Radio Oranje meldt dagelijks overwinningen van de geallieerden en in de harten van de Weertenaren leeft de hoop op een spoedige bevrijding. Half september neemt de stroom terugtrekkende Duitsers toe en Weerter N.S.B.-gezinnen, die de grond onder de voeten warm voelen worden, vluchten met de Duitse troepen mee richting “Heimat”. Weert leeft in bange hoop en grote spanning. Kanongebulder vanuit België is dagelijks hoorbaar en radio Oranje meldt zware gevechten aan het Albertkanaal. Doodvermoeide, haveloos geklede soldaten trekken door de Weerter straten richting Roermond. Ook zijn het steeds meer S.S.-troepen, die op hun terugtocht Weert onveilig maken. Het afnemen van fietsen van angstige burgers is schering en inslag en boeren worden gedwongen met paard en kar mee te trekken richting “grosze Vaterland”.

“DE EENGELSE ZEEN AAN DE KNAAL!”

Donderdag 21 september 1944 is de spanning in de stad te snijden. Terwijl tot aan de tanden toe gewapende Duitsers door de Weerter straten trekken, proberen bezorgde huismoeders nog vlug hun levensmiddelen voorraad, voor zover dit mogelijk is, aan te vullen. Iedereen voelt: “De bevrijding is nabij”.

Hals over kop worden kelders ingericht als schuilplaats. Matrassen en dekens worden uitgespreid en als de avond valt, zoekt de Weerter bevolking angstig de kelders op. Het rozenkransgebed van mannen, vrouwen en kinderen wordt wreed verstoord door explosies uit de richting van de Zuid-Willemsvaart. De “sprengcommando’s” doen hun werk grondig. De Biesterbrug, de stadsbrug, de spoorbrug en de brug bij Sluis XVI vliegen de lucht in en een rode gloed tegen de nachtelijke hemel meldt de brand van de barakken achter de van Hornekazerne. Omstreeks middernacht valt er een doodse stilte over de stad. Weert is niemandsland geworden. De laatste Duitsers trekken zich terug achter het kanaal Wessem-Nederweert en vanuit het Belgische Hamont naderen de verkenningstroepen van het Engelse Suffolkregiment en verzamelen zich in de omgeving van het huidige vakantiepark “De Weerterbergen” om door te stoten richting Weert. Slapend, wakend en vooral biddend wacht Weert op het ochtendgloren. Wat zal de nieuwe dag brengen?

Als het eerste daglicht Weert doet ontwaken zetten de Engelsen hun aanval richting spoorbrug in en weldra klinkt door de Weerter straten : “DE EENGELSE ZEEN AAN DE KNAAL”

Weert is bevrijd. We schrijven 22 september 1944.

Bevrijd! Het woord dat gedurende de Duitse bezetting zo vaak gefluisterd is, is werkelijkheid geworden. Weert viert de bevrijding op die twee en twintigste september uitbundig. Overal aan de gevels verschijnt het rood-wit-blauw en iedereen tooit zich met oranje, al is het maar met een bloeiend afrikaantje uit de plantsoenen aan de Singels. Aan het Bassin ziet het zwart van de mensen, die de Tommies aan de andere kant van de vernielde stadsbrug juichend en zingend verwelkomen. De assistent van dokter Venmans kan zijn vreugde niet bedwingen en zwemt gekleed en wel over het kanaal om toch maar een Engelsman aan te kunnen raken. Waanzinnig van vreugde nemen sterke Weertenaren de Suffolker Len Carrington, die aan de spits van een infanteriecolonne de stadsbrug nadert, op de schouders en dragen hem, tegen alle militaire voorschriften in, over de vernielde stadsbrug Weert binnen. Hierdoor gaat Len Carrington de geschiedenis in als de bevrijder van Weert.

Het leven gaat verder.

Terwijl de Weerter bevolking met volle teugen van de herkregen vrijheid geniet, Engelse sigaretten rookt, zich te goed doet aan Corned Beef en Engelse chocolade, herneemt zich het dagelijkse leven in Weert. De door de Duitsers uit zijn ambt ontzette burgemeester Kolkman neemt het  bestuur van de stad weer op zich en mag op 19 oktober 1944 het volgende telegram van koningin Wilhelmina vanuit Londen ontvangen: “Ik betuig U en de ingezetenen van Weert mijn oprechte dank voor de gevoelens neergelegd in Uw schrijven. Ik verheug mij van harte in de bevrijding van Weert” en 2 november stuurt Buckingham Palace een telegram dat luidt: “Dear MR. Mayor. The king desires me to thank you for your letter and to say that he is very pleased to hear that your town has been liberated by a succesful action of a part of British troops”.

Met een aanval op het gebied tussen het kanaal Wessem-Nederweert en de Maas op 14 november 1944, die ingeluid wordt met een bombardement door vierhonderd rondom Weert opgestelde kanonnen, die 2000 granaten per minuut afvuren, komt voor Weert een einde aan het directe oorlogsgevaar en kan de bevolking gaan werken aan de wederopbouw van stad en streek.

Fakkelestafette Weert-Brussel-Weert. Jaarlijkse herdenking van de Weerter bevrijding.

Hoewel raadslid Joosten in een vergadering van de Weerter gemeenteraad direct na de bevrijding aandringt deze bevrijding jaarlijks plechtig te herdenken, komt in de loop der jaren in Weert de bevrijdingsherdenking op een zeer laag pitje te staan.

In de loop van 1952 zoekt de Rooms-Katholieke Atletiek Vereniging Weert, met als voortrekkers Wim Kneepkens† en Ber Smolenaers†, naar een bevrijdingsherdenking met een sportief tintje.

Na lang vergaderen besluit de atletiekclub om op 22 september 1953 het bevrijdingsvuur van Maastricht in estafettevorm naar Weert te halen en met dit besluit is de Weerter bevrijdingsestafette geboren. Door het overhandigen van de fakkel op het Koningsplein in Maastricht door Mr. Stan Smeets zet deze een “karavaan” van drie auto’s en een motorrijder in beweging richting Weert. Onderweg worden bloemen gelegd bij de oorlogsmonumenten in Riemst, Hasselt, Diest, Beringen, Leopolsburg, Bree, Hamont en Dorplein. Veel organisatie onderweg is er niet bij. Het tijdschema vermeldt eigenlijk maar twee vaste punten: de vertrektijd in Maastricht en de aankomsttijd in Weert. Juichend haalt Weert “De fakkel” binnen en onder enorme belangstelling ontsteekt burgemeester van Grunsven het bevrijdingsvuur, terwijl manschappen van de Weerter O.O.S. de vlaggenparade verzorgen, die opgeluisterd wordt door een militaire muziekkapel.

In 1956 doet de estafette op verzoek van de plaatselijke verzetsorganisaties de stad Luik aan, waar, door de overweldigende belangstelling, het verkeer in de binnenstad totaal ontregeld wordt. Even komt, door het afhaken van Maastricht, de estafette in gevaar. Maar geen nood. Eindhoven haalt het bevrijdingsvuur uit Bayeux en Weerter atleten brengen dit vuur via Riemst naar Weert. Maar ook Eindhoven haakt af. Weert blijft stug volhouden en haalt voortaan het bevrijdingsvuur in de Overloonse gedachteniskapel.

Voor de organisatoren is dit rondzwerven zeer onbevredigend en in 1965 valt het oog op Brussel. De Commissie Fakkelestafette zoekt contact met het Brusselse stadsbestuur en krijgt toestemming om de fakkel jaarlijks te ontsteken aan de eeuwige vlam op het graf van de Onbekende Soldaat op het Vredesplein. Bovendien weet men zich verzekerd van begeleiding door Groot-Brussel door de Brusselse motorpolitie en van de medewerking van de Belgische Militaire Politie op de tocht van Brussel naar Weert. De Wielerclub Weert is bereid de tocht van Brussel naar Riemst voor haar rekening te nemen en vanuit Riemst dragen Weerter lopers het vuur verder naar Weert.

OVERNACHTEN.

In 1966 valt het besluit de estafette in Brussel te laten starten en de hele weg Brussel-Weert in twee dagen lopend af te leggen. Op hun tocht naar Weert wordt het honderd dertig man tellende estafettegezelschap jaarlijks door de Heer Vandermeulen, een van de grootste Belgische verzetstrijders, in Glabbeek een lunch aangeboden, welke traditie na zijn dood door zijn dochter wordt voortgezet.

Door het besluit om de estafette voortaan in twee dagen te lopen, moet worden uitgezien naar overnachtingsmogelijkheden voor zo’n honderd dertig personen. Aanvankelijk wordt overnacht in de kazernes van Hasselt en Tongeren en uiteindelijk vindt het estafettegezelschap onderdak in het parochiehuis van Rijkhoven, waar na een vermoeiende tocht vanuit Brussel de lopers ieder jaar aanzitten aan een voortreffelijke maaltijd, aangeboden door het gemeentebestuur en de Nationale Strijdersbond van de gemeente Bilzen. Sinds 1969 nemen aan de estafette ook vrouwelijke atleten deel. Deze dames vinden in de overnachtingsplaats Bilzen gastvrij onthaal in diverse Belgische gastgezinnen.

In 1978 besluit de Weerter gemeenteraad de Sint Rumolduskapel aan de Molenpoort in te richten als gedachteniskapel voor de Weerter gevallenen uit de Tweede Wereldoorlog. In deze kapel vindt jaarlijks als onderdeel van de Estafette Weert-Brussel-Weert de dodenherdenking plaats met als indrukwekkend hoogtepunt het afnemen van het dodenappel, waarbij de Weerter gevallenen met naam genoemd worden.

Oud-Wethouder Leo de Borgie† aanvaardt in 1982 het beschermheerschap over de estafette en hij zet zich vooral in om de contacten met de Nederlandse en Belgische estafettesteden in stand te houden en te verstevigen.

Vanaf 1983 betrekken Kitty en Henny Janssen door het scholenproject de Weerter basisschoolleerlingen steeds nauwer bij het estafette-gebeuren.

En in 1984 is het dan zover: de estafette start op donderdagavond in Weert om daar op zaterdagmiddag met het bevrijdingsvuur, na een tocht van 375 kilometer, terug te keren. Van nu af aan kan men spreken van

“DE BEVRIJDINGSESTAFETTE WEERT-BRUSSEL-WEERT”.

In 1987 gaat als feestelijke afsluiting van de Weerter bevrijdingsviering in sportpark Leuken de eerste MUZIEKSHOW WEERT van start. In de loop der jaren is deze muziekshow uitgegroeid tot een uniek muzikaal gebeuren in Midden-Limburg met als hoogtepunt de binnenkomst van de atleten en het ontsteken van het bevrijdingsvuur.

Als afsluiting van dit overzicht laten we een jeugdige atlete aan het woord, die een duidelijk antwoord geeft op de vraag: WAAROM DEZE ESTAFETTE?  “Aanvankelijk was de estafette voor mij een louter sportief gebeuren tot ik in Rijkhoven stilstond bij de plaats waar een moeder en haar dochter het leven lieten voor onze vrijheid. Daar kreeg ik tranen in mijn ogen en begreep ik wat wil zeggen “OPDAT WIJ NIET VERGETEN”. De mensen, die hun leven gaven voor onze vrijheid moeten we door de estafette blijven herdenken!”